De gemeente Hoogeveen moet beter onderzoek doen naar het geluid dat in het trammonument aan het Zwarte Dijkje in Noordscheschut wordt geproduceerd door spelende kinderen en bezoekers. Een huisartsenpraktijk in de buurt ervaart geluidsoverlast en de gemeente heeft daar onvoldoende rekening mee gehouden, vindt de rechter.

Het materiaal dat is gebruikt fungeert als een klankkast, zei een praktijkmedewerker eerder op zitting. Onderzoeken en emotionele gesprekken op de praktijk worden overstemd en dit trekt een zware wissel op de praktijkwerkzaamheden. Het bezwaar van de praktijk werd telkens door de gemeente in de wind geslagen. De gang naar de rechter was een laatste redmiddel.

Toezichthouders

De rechter kon zich vinden in deze klacht. De tramwagon staat sinds eind november 2019 op de kruising van het Zwarte Dijke en de Tramwerk. Het monument roept herinneringen op aan de tram die tot kort na de Tweede Wereldoorlog door het dorp reed en daar halthield. De dokterspraktijk voorzag al problemen, voordat het monument daar werd gestald.
Tijdens de bezwaarfase werd meermalen hierop gehamerd. De gemeente vond het voldoende om toezichthouders op de locatie te laten surveilleren. Op zitting kon de gemeente echter niet aangeven hoe vaak en wanneer dat is geweest.

Geen bouwwerk

De gemeente dacht dat het allemaal wel meeviel. Maar de rechter vond dat van niet. Op zitting liet de praktijkmedewerker filmpjes zien van spelende kinderen en schreeuwende jongeren die daar ’s nachts rondhingen. De praktijk vond bovendien dat het trammonument een bouwwerk is, dat volgens het bestemmingplan daar niet mag staan. De rechter veegde dat verweer van tafel, omdat de wagon te open is gebouwd om de stempel ‘bouwwerk’ te mogen dragen.

Volgens de verleende vergunning is het monument een kunstwerk en een ‘ontmoetingsplek voor buurtbewoners’. De gemeente moet meer onderzoek doen naar de ‘ruimtelijke effecten’ hiervan en in het bijzonder ten aanzien van het geluid dat door deze ontmoetingen ontstaat. De gemeente krijgt voor het nieuwe besluit twaalf weken de tijd.